Zie je wel eens zo’n scharrelend bolletje stekels in de avondschemering en denk je: dat wil ik ook? Een egelvriendelijke tuin maken is makkelijker dan je denkt en ontzettend dankbaar werk. Ik vertel je graag hoe je jouw buitenplek omtovert tot een waar paradijs voor deze nuttige nachtdieren. Als natuurliefhebber en tuinier zie ik de laatste jaren helaas steeds minder egels in onze woonwijken. Dat gaat me aan het hart, want het zijn fantastische dieren om in de buurt te hebben. Gelukkig kunnen we met een paar simpele aanpassingen de rode loper voor ze uitrollen. Pak een kop koffie, dan lopen we samen door de stappen heen om jouw tuin helemaal klaar te maken voor onze stekelige vrienden.
Waarom een egelvriendelijke tuin maken een slimme zet is
Je wilt egels in je tuin hebben omdat het fantastische, natuurlijke ongediertebestrijders zijn die het biologisch evenwicht in je tuin herstellen. Ze eten namelijk met groot gemak de slakken, rupsen en kevers op die anders aan jouw zorgvuldig opgekweekte planten knabbelen.
Egels hebben het best zwaar in ons land. De tuinen worden steeds netjer, vaker volledig bestraat en we plaatsen massaal dichte schuttingen. Hierdoor vinden deze dieren steeds minder voedsel en veilige schuilplekken. Door je tuin voor ze open te stellen, help je de natuur in je eigen buurt direct een handje. En eerlijk is eerlijk, het is toch prachtig om op een warme zomeravond op je terras te zitten en een egel door de bladeren te horen ritselen? Het voelt alsof je je eigen stukje wildernis achter het huis hebt.
Daarnaast is een tuin die goed is voor egels, eigenlijk goed voor de hele biodiversiteit. De aanpassingen die je doet, trekken ook vogels, nuttige insecten en amfibieën aan. Het is een soort kettingreactie van leven. Als je begint met het verwelkomen van de egel, zul je zien dat je tuin in rap tempo verandert in een levendig ecosysteem waar altijd wel iets te ontdekken valt.
Laat je tuin lekker rommelig voor de egel
De beste manier om een egel te helpen, is door een deel van je tuin simpelweg met rust te laten en dode bladeren, takken en boomstammetjes te laten liggen. Een strak aangeharkte, kale tuin biedt namelijk geen enkele bescherming tegen roofdieren en kou, en er is bovendien geen voedsel te vinden.
Egels zijn dol op rommelhoekjes. Onder een stapel takken of een dikke laag herfstbladeren kunnen ze zich overdag veilig verstoppen om te slapen. Ook bouwen ze in deze natuurlijke rommel hun nesten om in de winter te kunnen overleven tijdens hun winterslaap. Je hoeft echt niet je hele tuin te laten verwilderen, een rustig hoekje achter de schuur of onder een grote struik is al perfect.
Dit principe geldt trouwens voor veel meer dieren. Als je leest over je tuin klaarmaken voor bestuivers: laat het rommelig, zie je dat wilde bijen en vlinders ook enorm profiteren van wat gecontroleerde chaos. Het is eigenlijk de makkelijkste manier van tuinieren. Je hoeft in het najaar de bladeren niet meer in de groene kliko te proppen. Veeg ze gewoon in de borders onder de planten. De wormen verteren het blad, de grond wordt vruchtbaarder en de egel heeft een heerlijk warm dekbedje. Een win-winsituatie voor iedereen.
Zorg voor een makkelijke toegang met een egelweg
Een egel heeft een gat van ongeveer vijftien bij vijftien centimeter in je schutting of muur nodig om je tuin te kunnen bezoeken. Zonder zo’n kleine doorgang botsen ze simpelweg tegen een ondoordringbare grens en moeten ze noodgedwongen omkeren.
Egels zijn echte wandelaars. Ze leggen per nacht wel twee tot drie kilometer af op zoek naar eten, een partner of een nieuwe slaapplek. Als alle tuinen in een straat potdicht zitten, wordt hun leefgebied drastisch verkleind. Ze moeten dan de stoep of de gevaarlijke straat op, met alle nare gevolgen van dien. Het verkeer is een van de grootste vijanden van de egel.
Je kunt dit probleem heel simpel oplossen. Zaag een klein stukje uit de onderkant van je houten schutting, of haal ergens onderaan een baksteen weg. Overleg even met de buren, want negen van de tien keer vinden ze het een fantastisch idee om mee te doen. Samen kun je een zogenaamde egelweg of egelsnelweg creëren. Hoe meer tuinen in de buurt met elkaar verbonden zijn via deze kleine openingen, hoe groter en veiliger het leefgebied van de egel wordt.
Eten, drinken en de perfecte waterplek
Egels hebben altijd behoefte aan vers, schoon drinkwater in een ondiep bakje en je kunt ze veilig bijvoeren met droge kattenbrokjes of speciaal egelvoer. Geef ze absoluut nooit melk, want egels zijn lactose-intolerant en krijgen daarvan ernstige maagklachten en diarree, wat zelfs dodelijk kan zijn.
In droge periodes is het vinden van water een enorm probleem voor veel dieren. Een simpele, ondiepe schaal met water op de grond is al voldoende om levens te redden. Zorg wel dat het bakje niet te hoog is en een ruwe rand heeft, zodat ze er makkelijk bij kunnen en niet uitglijden. Net als bij het waterplek maken voor insecten in 5 simpele stappen, is het ontzettend belangrijk dat dieren niet kunnen verdrinken. Leg voor de zekerheid een platte steen in het waterbakje, zodat ook kleinere insecten en jonge egeltjes er altijd weer uit kunnen klimmen.
Als je wilt bijvoeren, vooral in het najaar wanneer ze vetreserves opbouwen voor de winterslaap, kies dan voor brokjes met kip of rund. Vis vinden ze vaak minder lekker. Let op dat je geen brood geeft. Brood vult hun maagjes wel, maar het bevat totaal niet de voedingsstoffen die ze nodig hebben. Wil je voorkomen dat de buurtkatten er met het egelvoer vandoor gaan? Maak dan een simpel voerstation. Zet een omgekeerde kist met een gat van vijftien centimeter over het voer heen. De egel past erin, de kat niet.
Gevaren in de tuin vermijden
Je maakt je tuin pas echt veilig door direct te stoppen met het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen en door heel goed op te passen met robotmaaiers, netten en steile vijvers. Dit zijn in de praktijk namelijk de grootste, vaak onzichtbare gevaren voor egels in een gemiddelde woonwijk.
Laat ik beginnen met slakkenkorrels en insecticiden. Egels eten ontzettend veel slakken en insecten. Als een egel een vergiftigde slak opeet, krijgt hij dat gif ook in zijn eigen systeem. Dat stapelt zich op en is vaak dodelijk. Gebruik dus altijd natuurlijke methodes of, nog beter, laat de egels en vogels het slakkenprobleem in jouw tuin oplossen. Geduld is hierin een schone zaak.
Daarnaast zijn robotmaaiers helaas echte egelmoordenaars gebleken, vooral als ze in de schemering of ‘s nachts hun rondjes rijden. Een egel rent namelijk niet weg voor gevaar. Hun natuurlijke verdedigingsmechanisme is zich strak oprollen tot een stekelbal. Een naderende robotmaaier herkent dit niet altijd als obstakel en rijdt er gewoon overheen. De verwondingen zijn verschrikkelijk. Laat je maaier dus uitsluitend overdag draaien, wanneer de egels veilig liggen te slapen.
Heb je een vijver? Egels kunnen best goed zwemmen, maar ze raken snel uitgeput. Als je vijver steile, gladde randen heeft, komen ze er niet meer uit en verdrinken ze. Zorg altijd voor een uittreedplaats. Een schuin loopplankje bekleed met wat kippengaas voor extra grip redt levens. Let tot slot op met rondslingerende netten, zoals vogelnetten over fruitstruiken of losse voetbalnetten. Span deze minimaal dertig centimeter boven de grond, zodat egels er niet hopeloos in verstrikt raken.
Planten die de egel blij maken
Kies altijd voor inheemse planten en struiken die lokaal veel insecten aantrekken, want waar een rijk insectenleven is, daar is een overvloed aan voedsel voor de egel. Besedragende struiken en dichte bodembedekkers bieden bovendien de perfecte donkere schuilplaatsen die ze zoeken.
Een strakke, kale grasmat is voor een egel als een woestijn. Door de juiste, gelaagde beplanting te kiezen, creëer je een rijk ecosysteem. Bodembedekkers zoals maagdenpalm, hondsdraf of klimop die je over de grond laat kruipen, zitten vol met spinnen, pissebedden en kevers. Het is een lopend buffet voor de egel. Veel van de planten die goed zijn voor vlinders, werken ook perfect voor egels omdat ze de bodem bedekken en lokaal leven ondersteunen. Lees maar eens over inheemse planten voor meer vlinders in je tuin om inspiratie op te doen.
Hier is een overzicht van elementen die je in de tuin kunt toevoegen voor een optimaal egelparadijs:
- Dichte inheemse struiken zoals meidoorn, hazelaar of hondsroos voor veilige beschutting.
- Een actieve composthoop voor warmte en een oneindige voorraad regenwormen.
- Verschillende bodembedekkers om ongezien onderdoor te kunnen sluipen.
- Een takkenril, gemaakt van snoeiafval, als natuurlijke tuinafscheiding en hotel.
- Een speciaal egelhuisje, gevuld met wat droog blad, voor de koude wintermaanden.
Overzicht: Wat wel en niet te doen
Soms is het handig om de belangrijkste punten even overzichtelijk op een rij te hebben. Het gaat vaak om kleine aanpassingen in je routine die een wereld van verschil maken voor de natuur om je heen. Om je op weg te helpen heb ik een simpel overzicht gemaakt.
| Doen in de tuin | Niet doen in de tuin |
|---|---|
| Inheemse planten en struiken plaatsen | Alles volledig bestraten met tegels |
| Herfstbladeren in de borders vegen | Bladblazers en bladzuigers gebruiken |
| Een ondiep waterbakje neerzetten | Steile vijverranden onbeschermd laten |
| Een gat van 15×15 cm in de schutting maken | De tuin hermetisch afsluiten |
| Droge kattenbrokjes voeren in het najaar | Melk of brood aanbieden |
Als je deze simpele richtlijnen volgt, ben je al beter bezig dan de meeste tuinbezitters. Het leuke is dat je tuin er ook natuurlijker en levendiger van wordt. Je zult zien dat het observeren van een egel die zijn buikje rond eet in jouw tuin, een van de leukste dingen is die er zijn. Ga lekker aan de slag, laat dat snoeiafval eens liggen en wie weet hoor jij binnenkort ook dat gezellige gesnuif en geritsel in de avond.
Veelgestelde vragen
Hoe weet ik of er een egel in mijn tuin zit?
Egels zijn nachtdieren, dus je ziet ze overdag zelden. Je kunt hun aanwezigheid herkennen aan hun uitwerpselen. Dit zijn donkere, glanzende en cilindervormige keutels van ongeveer drie tot vijf centimeter lang, vaak met zichtbare insectenschildjes erin. Ook kun je ze in de schemering luid horen snuiven, smakken en ritselen tussen de droge bladeren.
Mag ik een egel oppakken als ik er een zie?
Nee, het is het beste om een gezonde egel met rust te laten. Het zijn wilde dieren en ze raken snel gestrest. Zie je echter overdag een egel, of ziet het dier er verzwakt, gewond of wankel uit? Dan is er waarschijnlijk iets mis. Pak het dier dan voorzichtig op met dikke tuinhandschoenen, zet hem in een hoge doos met een handdoek en bel direct de lokale dierenambulance of egelopvang.
Wanneer gaan egels precies in winterslaap?
Dit hangt sterk af van de temperatuur en het voedselaanbod. Meestal beginnen egels eind november of begin december aan hun winterslaap. Ze ontwaken pas weer rond maart of april, wanneer het buiten weer warmer wordt en er genoeg insecten te vinden zijn. Tijdens warme winters kunnen ze soms tussendoor even wakker worden om wat te drinken of eten te zoeken.
Waar kan ik het beste een egelhuisje plaatsen?
Zet een egelhuisje altijd op een rustige, beschutte plek waar niet veel mensen of honden langslopen. Denk aan een plek onder een dichte struik, achter de schuur of onder een overkapping van klimop. Zorg dat de ingang niet op het noorden of noordoosten staat, zodat er geen koude wind in kan blazen. Leg er wat droge bladeren in en laat het huisje verder met rust.

